Mondelinge vraag aan minister De Block: Corona – verpleegkundigen bis bis bis

Door Yoleen Van Camp op 12 mei 2020, over deze onderwerpen: Volksgezondheid

Voor de 6de week op rij, bevraag ik u graag naar de steunmaatregelen voor de zorgsector:

  1. U antwoordde eind april dat de verdeelsleutel voor het miljard voor de ziekenhuizen rond omzet en aantal covid-patiënten zou afgeklopt worden. Op de commissie van 12 mei gaf u geen update. Is dit nu al rond? En dit miljard waren voorschotten, worden er ook structurele middelen vrijgemaakt? U erkende al dat de aangekondigde bonus voor zorgpersoneel geblokkeerd zit, dat is erg jammer. Hebt u daar al oplossingen?
  2. De thuiszorg. U zei daar dat u tegemoetkomt aan onze vraag om niet alleen voor covid-zorg een tegemoetkoming te voorzien, maar ook een verhoogd honorarium en tegemoetkoming voor materiaal. Echter erkende u dat er nog niets concreets is. Op de commissie van 12 mei kondigde u de nomenclatuurnummer aan. Die zou in de week van 18 mei actief zijn. Is dit ondertussen zo? U zou ook onze vraag onderzoeken of dit met terugwerkende kracht zou zijn. Heeft u daar al meer nieuws over?
  3. Het beschermend materiaal: ik ontvang nog steeds berichten van thuisverpleging die geen beschermingsmateriaal had, vooral maskers en handschoenen. U zei de chief officer te contacteren, tot nu toe had dat nog geen oplossing, wat 2 maanden na het begin van de crisis toch echt niet meer kan. Welke oplossingen gaat u hiervoor voorzien?

3 vragen, al 6 weken dat ik ze stel en ik zal op de nagel blijven kloppen tot ons zorgpersoneel het respect en de steun krijgt die het verdient.

Minister De Block: u had een vraag over het nomenclatuurnummer voor de thuisverpleging. Het RIZIV heeft op zijn website ondertussen de modaliteiten al gecommuniceerd. Het koninklijk besluit zal in de loop van deze week worden gepubliceerd en gaat met terugwerkende kracht tot 1 maart 2020 in.

Over de financiering van de ziekenhuizen waren er vragen van verschillende leden. De verdeling van 1 miljard euro voorschot tussen de ziekenhuizen via het koninklijk besluit nr. 10 en de uitbetaling van algemene ziekenhuizen dateren van 23 april 2020.

Inzake de verdeling van het voorschot intern binnen het ziekenhuis tussen de beheerder en de zelfstandige zorgverlener is gisteren een omzendbrief aan de ziekenhuizen bezorgd. De brief werd opgesteld door de administraties van de FOD Volksgezondheid en het RIZIV na een ruime concertatie met de ziekenhuiskoepels, de artsensyndicaten, de ziekenfondsen, de Federale Raad voor Ziekenhuisvoorzieningen en de Medicomut.

Er is ook een enquête bij de ziekenhuizen om de definitieve extra financiering vast te leggen, teneinde de meerkosten van COVID-19 te inventariseren. Op basis van de resultaten van de enquête, die tot 25 mei 2020 kan worden ingevuld, zal de Federale Raad voor Ziekenhuisvoorzieningen een advies over de financiering uitbrengen.

Er is ook nog een vraag vanuit de ziekenhuizen voor extra financiering, omdat door de afbouw van electieve en niet-dringende zorg minder geld binnenkomt.

De Federale Raad voor Ziekenhuisvoorzieningen heeft ter zake al een eerste advies gegeven en dat zal nu in detail worden uitgewerkt. Vervolgens zal het voorschot geregulariseerd kunnen worden. Dat heeft betrekking op het verschil tussen het bedrag waarop het ziekenhuis recht heeft, en het reeds ontvangen voorschot.

 

Yoleen Van Camp (N-VA): Mijnheer de voorzitter, ik ben echt zeer blij met de antwoorden op de vragen. Nogmaals bedankt. Ik ben blij dat u aan onze vraag bent tegemoetgekomen. We hebben samen een mooi resultaat geboekt met de verhoogde honoraria voor de thuisverpleging en dan ook nog eens met terugwerkende kracht. Dat is zeer mooi. Ik ben vandaag zeer gelukkig dat we dit kunnen verwezenlijken voor deze sector die het zeer moeilijk heeft.

U zei wel dat het nomenclatuurnummer voor de staalafname nog niet geregeld is. Ik zou u willen vragen om dit nog te bekijken. Ofwel moet duidelijk zijn dat de mensen van de thuisverpleging de staalafnames niet doen en er dan ook niet voor worden vergoed, maar zij zijn daarvoor goed opgeleid en zij doen dat prima, zowel in de residentiële zorg als in de thuisomgeving van de patiënten. Het is nu alle hens aan dek. Zij zijn daarvoor perfect uitgerust. Dan moeten zij daarvoor correct worden vergoed. Ik wil vragen dat u daarvan werk maakt.

Met betrekking tot de instellingen verwees u naar uw oplossingen voor het tekort aan verplegend personeel. Daar ben ik het compleet niet met u eens. U hebt in het verleden ook al geopperd om buitenlandse werkkrachten aan te trekken. Recent wilde u werklozen opleiden voor het beroep van verpleger.

Ik heb daarover in 2018 naar aanleiding van uw voorstel toen al een hele duidelijke opinie geschreven. Zolang de aantrekkelijkheid van het verpleegkundig beroep met een betere verloning en meer handen aan het bed niet is opgelost, is dat dweilen met de kraan open. De nieuwe krachten die we eventueel kunnen aantrekken uit welke sector dan ook zullen heel snel op dat beroep uitgekeken geraken.

We weten dat voor elke patiënt extra die een verpleegkundige op een afdeling onder haar hoede moet nemen niet alleen de kans op een vermijdbaar overlijden maar ook de kans op een burn-out met 23 % toeneemt. Die cijfers zijn niet te ontkennen.

U was heel kort over de bonus voor het zorgpersoneel. U mag die niet in de Maribel storten, maar u moet voorzien in een voorbestemming voor het verplegend personeel, voor wie zorgen in de ziekenhuizen verleent. Dat kan via het BFM worden gegarandeerd, bijvoorbeeld door samen met de deelstaten de normbestaffing te verhogen en op het federale niveau in de middelen daarvoor te voorzien.

De enquête over de structurele middelen voor de ziekenhuizen loopt tot 25 mei. Ik zal u graag later ondervragen over de stand van zaken.

Ik had ook een kleine vraag over obesitas, waarop u een beperkt antwoord gaf. U verwees naar uw initiatieven in de vorige legislatuur, die we samen met CD&V in het Parlement hebben genomen. Ik denk bijvoorbeeld aan de etikettering van gezonde voeding, maar ik heb nog geen nieuwe initiatieven gehoord.

De cijfers wijzen uit dat er echt wel actie nodig is. Ze tonen aan dat uw vroegere beleid niet afdoende was. Er is sindsdien niets meer gebeurd. Ik vraag u dus om hierin actie te ondernemen.

Op mijn vragen over de face shields heb ik noch van u, noch van uw collega een antwoord gekregen. Waarom werd er voor stoffen maskers gekozen en niet voor face shields? Die kunnen namelijk even goedkoop vervaardigd worden en er zijn geen problemen met stoffen, fabricage, filters en wassen. Ze zijn onmiddellijk ontsmetbaar en herbruikbaar Ze zijn duurzaam en ze geven een bijna volledige bescherming in de twee richtingen. Ook de ogen zijn beschermd. Met een face shield vermijdt men ook het gezicht aan te raken. Ik wil u dus nogmaals vragen om de aanschaf ervan te overwegen. Ik zal ondertussen de vraag ook stellen aan uw collega's Goffin en Geens, want er zijn in dit land zeer veel ministers bevoegd voor alle beschermingsmaterialen. Ik zal mij dan ook tot hen richten met die vraag.

 

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is